Tuinblad.nl

Vaste planten planten: in het voorjaar of in de herfst?

Vaste planten plant je in Nederland het best in het najaar, van september tot en met november, of in het voorjaar, van maart tot en met mei. Kies meestal voor het najaar, omdat de bodem dan nog warm is en vaak vochtiger, zodat planten sneller wortelen. Plant vorstgevoelige soorten liever in het voorjaar.

Kies het najaar voor een snelle wortelstart

Van september tot en met november is de grond nog warm van de zomer. Daardoor maken vaste planten eerst wortels aan voordat de winter begint. In deze periode valt vaak ook meer regen, dus je hoeft minder water te geven.

Wil je dat planten met een voorsprong aan het volgende groeiseizoen beginnen, kies dan meestal voor het najaar.

Kies het voorjaar voor vorstgevoelige soorten

Van maart tot en met mei kun je vaste planten ook goed planten. De grond warmt dan op en de kans op nachtvorst neemt af.

Voor vorstgevoelige soorten is het voorjaar vaak geschikter. Dat geldt bijvoorbeeld voor lavendel (Lavandula), ijzerhard (Verbena bonariensis), prachtkaars (Gaura lindheimeri ‘Whirling Butterflies’), Perovskia, salie (Salvia) en brandkruid (Phlomis).

Plant niet bij vorst, hitte of droogte

Plant niet bij vorst, bevroren grond, extreme hitte of langdurige droogte. In de zomer, van juni tot en met augustus, geeft planten vaak extra stress door warmte en droogte.

Plant in het najaar op tijd. Houd minimaal 6 weken aan voor de eerste vorst, zodat de wortels nog kunnen groeien.

Kies planten die passen bij licht en bodem

Kijk eerst naar de standplaats: zon, halfschaduw of schaduw. Kies daarna pas de plant.

Planten voor veel zon, zoals lavendel (Lavandula) en vetkruid (Sedum), hebben vaak grijs, viltig of vettig blad. Schaduwplanten zoals varens en hosta’s verbranden sneller in volle zon. Zonplanten bloeien vaak minder in schaduw.

Een humusrijke bodem met een goede lucht- en waterverdeling werkt voor de meeste vaste planten het best. Voor veel tuinplanten ligt de pH tussen 6,0 en 7,0.

Pas de planttijd aan op klei, zand en veen

Op zware kleigrond wacht je in het voorjaar tot de grond niet meer doorweekt is. Zo verklein je de kans dat wortels wegrotten. Verbeter de afwatering met grof zand of perliet.

Op zandgrond voeg je extra organische stof toe. Die helpt om vocht langer vast te houden.

Op veengrond is goede drainage ook belangrijk, omdat de bodem lang nat kan blijven.

Plant vaste planten in 9 stappen

  1. Bepaal de standplaats: zon, halfschaduw of schaduw. Kijk ook naar het bodemtype.
  2. Bereid de grond voor. Werk compost of mest door de bodem en verwijder onkruid.
  3. Graaf een plantgat dat 2 keer zo breed is als de kluit.
  4. Maak de uitgegraven grond los en meng er eventueel aanplantgrond door.
  5. Dompel de kluit in water en maak de wortels voorzichtig los.
  6. Zet de plant op de juiste hoogte. De bovenkant van de kluit moet gelijk liggen met het grondniveau.
  7. Vul het gat met grond en druk die stevig aan.
  8. Geef direct water.
  9. Breng eventueel een mulchlaag van 5 cm aan, bijvoorbeeld van houtsnippers of compost.

Houd de juiste plantafstand aan

Te dicht planten geeft concurrentie om licht, water en voeding. Te ruim planten zorgt voor kale plekken en meer onkruid. Houd daarom de plantafstand van de soort aan.

Voor kleine vaste planten, zoals phlox (Phlox), houd je 20 tot 25 cm aan. Dat zijn 16 tot 25 planten per m².

Voor middelgrote vaste planten, zoals zonnehoed (Echinacea), houd je 30 tot 40 cm aan. Dat zijn 6 tot 10 planten per m².

Grote vaste planten zet je meestal op ongeveer 50 cm van elkaar.

Kies de planttijd ook per soort

Voor vroege voorjaarsbloeiers zijn kerstroos (Helleborus niger), longkruid (Pulmonaria) en sleutelbloem (Primula vulgaris) geschikte keuzes.

Voor bloei later in het seizoen kun je denken aan ooievaarsbek (Geranium ‘Bloom me Away’), Japanse anemoon (Anemone ‘Honorine Jobert’), herfstaster (Aster novi-belgii), ijzerhard (Verbena bonariensis) en vetkruid (Sedum hybride ‘Karfunkelstein’).

Voor droge plekken zijn duizendblad (Achillea), kruisdistel (Eryngium planum), salie (Salvia microphylla), Afrikaanse lelie (Agapanthus), vetkruid (Sedum), ezelsoor (Stachys), tijm (Thymus), rozemarijn (Rosmarinus) en lavendel (Lavandula) geschikt.

Verbeter de bodem voor het planten

Planten zonder bodemverbetering is een veelgemaakte fout. Wortels groeien dan minder goed en vaste planten slaan trager aan.

Werk daarom organisch materiaal door de bodem, zoals compost of mest. Je kunt ook aanplantgrond gebruiken.

Veelgestelde vragen

Kun je vaste planten in oktober planten?

Ja, oktober valt in de beste najaarsperiode: september tot en met november. Plant wel minimaal 6 weken voor de eerste vorst.

Kun je vaste planten in april planten?

Ja, april valt in de geschikte voorjaarsperiode: maart tot en met mei.

Waarom is het najaar vaak beter dan het voorjaar?

In het najaar is de bodem nog warm en vaak vochtiger. Daardoor wortelen vaste planten sneller en hoef je minder water te geven.

Welke vaste planten plant je liever in het voorjaar?

Vooral vorstgevoelige soorten, zoals lavendel (Lavandula), ijzerhard (Verbena bonariensis), prachtkaars (Gaura lindheimeri ‘Whirling Butterflies’), Perovskia, salie (Salvia) en brandkruid (Phlomis).

Verder in je tuin